• Marnix

Hoe wordt je ik (4 van 5) - over emoties en je zelfbeeld in coronatijd

Bijgewerkt op: 20 nov. 2021

Wat heeft corona nu met een serie over je zelfbeeld te maken? In dit artikel lees je hoe juist de bijzondere tijd waar we nu in leven impact heeft op ons zelfbeeld en omgekeerd.

En dat is niet maar een stukje theorie, maar levert je praktisch toepasbare inzichten op. Aan het einde van dit artikel vind je drie tips. Maar eerst gaat het over aanpassingsvermogen, somberheid, toename van het aantal personen met depressieve klachten, videobellen én een boze vader... Over emoties gesproken: als deze foto een bingo-kaart was van emoties die je vanwege corona hebt gehad, hoe ver is jouw kaart dan gevuld?


Terugblik (sla dit gerust over als je artikel 1-3 al las)

Dit artikel hoort bij een serie van 5 artikelen over je zelf-beeld. In artikel 1 ging het over je zelf-beeld en hoe dat zich vormt in relaties. In artikel 2 werd dat verdiept met zelf-afbakening. In artikel 3 werd het verhaal van Bernard en Jort verder uitgewerkt (een eerste kennismaking met intergenerationele vorming van ons 'ik'. Artikel 4 (deze dus) gaat over ons zelfbeeld en corona. Artikel 5 is wat persoonlijker en gaat over mijn ervaring met vorming van het zelfbeeld en de rol die religie (ik ben Christen) en een spierziekte (ik heb FSHD) daarbij spelen.


Een jaar corona, wat doet dat met je zelf-beeld en het beeld van de ander?

In je hoofd zit een beeld van je zelf (zelf-beeld) én een beeld van anderen (zowel een algemeen beeld als ook een beeld per persoon). Die beelden worden voortdurend beïnvloed door de realiteit. Wellicht herken je dit voorbeeld: als je in een film een flinke groep mensen ziet zonder mondkapje of bijv. twee mensen die elkaar de hand schudden, dan gaat er een alarmbelletje af. Die manier van kijken kon ik me ruim een jaar geleden niet eens voorstellen. Een ander voorbeeld: als ik in de supermarkt iemand zonder mondkapje zie lopen denk ik al snel dat die persoon a-sociaal is.

Maar het gaat verder: in onze relaties zijn we (vaak ongemerkt) er op uit om het beeld van onszelf in het hoofd van de gesprekspartner te beïnvloeden. Anders gezegd: we willen invloed hebben op hoe de ander over ons denkt. Videobellen brengt daar een nieuw element in: je kijkt naar een scherm, maar de camera (de 'ogen' van de ander) zit vaak op een andere plek dan waar je naar kijkt. In je hoofd kun je een idee hebben hoe je over komt, maar of dat ook echt zo is...? Onlangs merkte ik na een meeting van een half uur dat ik al die tijd mijn camera uit had gehad. Tijdens dat half uur had ik opgelet met handgebaren en mimiek duidelijk over te komen op de anderen. In mijn hoofd richtte ik me dus op het beïnvloeden van de ander via de camera. In werkelijkheid gebeurde het omgekeerde en konden anderen juist denken dat ik wellicht iets anders zat te doen en daarom mijn camera uit had.


Wie ziet jou nog?

'Gezien worden' is enorm belangrijk voor ons bestaan. In de eerdere artikelen is al uitgelegd dat ons zelf-beeld in onze relaties gevormd wordt. Je schuurt tegen de ander aan en merkt zo wie jij bent en wie de ander is (dat heet 'zelfvalidatie'). Als je iets doet of zegt, kan je dat zien als 'geven' aan de ander. In latere artikelen zal het daar uitgebreider over gaan. Via dat geven laat je iets van jezelf zien én laat je tegelijkertijd zien hoe jij de ander ziet. Als dat goed verloopt word je er beiden beter van. In goede dialogen worden beide personen zichtbaar in de dialoog met de ander. Let op: dat 'geven' waar het hier over gaat is lang niet altijd iets tastbaars. Je geeft ook aan de ander als je zegt "Pittig voor jou dat er zoveel mensen in je team corona hebben." Als de ander reageert met "Klopt, ik werk bijna dubbele uren elke week", geeft die persoon ook weer aan jou: je 'gevende' opmerking is gezien en je bent van waarde voor de ander. Herken je dat?

Juist dat 'zien van elkaar' is in deze coronatijd flink veranderd. En dat heeft grote gevolgen! Veel mensen hebben gemerkt dat na de aanvankelijke harmonie en saamhorigheid er nu sprake is van korte lontjes. Een paar weken geleden stond op deze blog een artikel over hoe het zit met korte lontjes in coronatijd.


Vergroot de coronatijd somberheid en depressie?

Mensen hebben elkaar nodig. Niet alleen in praktische zin, maar ook voor hun gevoel van eigenwaarde. Hoe zou je ooit kunnen weten wie je bent als je je nooit in andere mensen hebt kunnen spiegelen? Door de verminderde contactmogelijkheden is er voor sommige mensen een kritische grens bereikt dat ze te vaak zich te weinig gezien voelen. Een van mijn leermeesters (Wim van Mulligen) legde voor mij heel helder het verband tussen depressie en 'niet gezien worden'. Kort uitgelegd: als mens heb je het nodig om in je relaties bevestiging te krijgen dat je er mag zijn en er toe doet. Die 'levensenergie' stroomt in de relaties tussen mensen van de een naar de ander. Dat herken je vast wel: als je een goed gesprek met een vriend of vriendin hebt, kom je er beiden beter uit. Je geeft elkaar erkenning er te mogen zijn en er toe te doen. Dat is iets wat je in je eentje zeer beperkt voor elkaar krijgt en waar alle soorten relaties (vanaf de kassajuffrouw tot een hartsvriendin) bij helpen.

De nieuwsberichten in de afgelopen weken waarin het gaat over een toename van depressieproblematiek zouden volgens mij goed te relateren zijn aan de afgenomen mogelijkheid tot zelfvalidatie. Dat klinkt misschien wat vreemd omdat zelfvalidatie een niet alledaags woord is. In gewoner Nederlands: omdat veel mensen minder mogelijkheden hebben om met anderen om te gaan (op het werk, sport, kerk, ontspanning, familieontmoetingen etc.) is er voor die mensen minder bevestiging dat ze er toe doen en er mogen zijn. Zien en gezien worden, vormen de basis van relaties tussen mensen waardoor mensen elkaar helpen samen-leving te zijn.


Hoe zie je de ander als je zelf stress ervaart?

Even een praktijksituatie die in veel gezinnen momenteel kan spelen: het is 7:25 op dinsdagochtend. De enige dag van de week dat Joost en Carry allebei werken. Joost (productieleider bij een energiebedrijf) staat op het punt van vertrekken, Carry (verpleegkundige) zal de kinderen in de kleren helpen en straks (op weg naar haar werk) naar school brengen. De afgelopen weken zijn pittig geweest. Hoe blij ze ook waren dat de kinderen eindelijk weer naar school mochten, er was al regelmatig een dag uitval waardoor ze regelmatig een beroep op hun oppas-netwerk moesten doen. Carry moest al twee keer een dag verlof nemen om de kinderen op te kunnen vangen.

Er komt een appje binnen op hun beide telefoons. Te horen aan het geluid de oudergroep van de klas van Bor, hun oudste van 7. Het zal toch niet?... Carry leest het als eerste en slaakt een diepe zucht. "Nee hé..... Hebben wij dat weer..!". Joost voelt de bui al hangen en leest het ook: de school geeft aan dat de klas van Bor in quarantaine moet. Ze kijken elkaar aan en zeggen bijna tegelijk "Kun jij?..." Carry zegt: "Ik kan écht niet... Ik heb me al twee keer teruggetrokken vorige week en er zijn nu nog meer zieke collega's. Als ik niet kom moeten de mensen zichzelf vandaag verzorgen, dus ik móet echt naar mijn werk". Joost kan daar geen speld tussen krijgen, maar ziet ook voor zichzelf geen mogelijkheid zich af te melden. Voor de werkzaamheden van vandaag móet hij er zelf bij zijn. "Ik bel de kinderopvang wel of Bor daar een dagje extra heen kan." zegt hij. Even later heeft hij de groepsleiding aan de telefoon. Het lijkt bijna geregeld als de leidster nog vraagt: "wat is de reden dat hij niet naar school kan?" "Zijn klas moet in quarantaine hoorden we zojuist" antwoordt Joost. "Oei... dan kan ik jullie toch niet helpen. Het protocol is dat we kinderen dan niet hier mogen opvangen..." Joost valt uit: "Protocol? Protokul zul je bedoelen! Bor is kerngezond!". De leidster antwoordt "Sorry, ik kan er niets aan veranderen hoe vervelend het ook is." Joost raakt geïrriteerder: "Wíllen jullie eigenlijk wel meedenken? Of zit je lekker de hele dag je protocol te volgen?!..." De rest van het gesprek verloopt niet fraaier. Joost wordt bozer en de medewerkster verbreekt na een paar pogingen om hem te sussen de verbinding als Joost maar blijft herhalen "jullie móeten ons gewoon helpen!"


Wat hier gebeurde is natuurlijk niet uniek voor coronatijd, maar de mate waarin er stress is bij veel gezinnen, scholen en bedrijven is wel grootschaliger. Wat Joost doet is vanuit stress wel te verklaren. Ons brein gaat altijd op zoek naar oplossingen voor welke probleemsituatie ook maar. Als er geen oplossing lijkt te zijn kan er angst, boosheid of verdriet ontstaan. Doordat je zelf geen mogelijkheid ziet is een laatste redmiddel om de 'schuld' te verschuiven naar een ander. Want áls dat lukt, dan is de ander ook meer verantwoordelijk om een oplossing te vinden (wat je zelf niet was gelukt). De werkelijkheid moet daarvoor soms wel geweld worden aangedaan, wat in het voorbeeld hierboven (en in de werkelijkheid) vaak gebeurt. Joost zijn beeld van de ander wordt nogal negatief gekleurd: de ander is een dienstklopper, een protocol-fetishist, te lui om mee te denken etc. Een gesprek zoals dit draagt niet bij aan een goede verstandhouding tussen Joost en de kinderopvang. De professional in dergelijke relaties krijgt (naast andere stress) ook nog eens de uitdaging om zich als volwassen professional te blijven gedragen, ook als de ander tegen haar tekeer gaat. Dat levert deze medewerkster nieuwe stress op. Haar tankje raakt leger, wat haar ook kwetsbaarder maakt om zelf uit de bocht te vliegen als zij een lastige situatie tegenkomt. En dan is de cirkel rond: omdat er zoveel van dergelijke situaties zijn in coronatijd is de kans groter dat mensen onderling in situaties komen waarin hun 'ikjes' pijnlijk botsen.


De Tip-top3

Beloofd is beloofd: 'niet alleen theorie, maar ook praktijk'. Zeker over een onderwerp dat voor velen heel serieuze gevolgen heeft in het dagelijks leven. Daarom een concreet lijstje van 3 praktijktips waar vast wel wat tussen zit waar ook jij wat mee kunt.

  1. Al zit je in hetzelfde schuitje, vertel toch je verhaal! Ik realiseerde me bij het schrijven van dit artikel dat er een verband is tussen de oorlogsperiode en de huidige coronatijd. Vanuit die periode las ik dat veel verhalen niet verteld werden om dat men wist dat de ander hetzelfde had meegemaakt óf iets anders wat ook erg was. Door verhalen niet te vertellen worden ze minder goed door je brein verwerkt. Dus: neem de tijd om toch te vertellen hoe je dag verliep aan de ander, ook al weet je dat de ander óók een ander leven heeft in deze coronatijd. Het geeft je brein de mogelijkheid even 'stoom af te blazen'. De zelfvalidatie (mag ik er zijn en doe ik er toe) wordt geholpen door je verhaal te delen en te merken hoe de ander er op reageert.

  2. Is je emmertje soms leeg? Zeg het eerlijk, dat helpt echt! Het is geen schande dat je soms vermoeid of uitgeput bent van stress. Waarschijnlijk merk je zelf als eerste dat je geprikkelder bent dan normaal. Dat je sneller irritatie voelt opkomen als die collega weer geen antwoord heeft gegeven op je appje of als het wifi weer traag is. Juist door het te zeggen tegen de ander help je je zelf én de ander. Jouw leven is jouw verantwoordelijkheid, maar door zorgen en spanningen te delen zal je merken dat alleen al het delen je weer geruststelt: je mag er zijn, ook met je spanningen en je korte lontje. En het prettige is dan dat júist dat gevoel er te mogen zijn je stressgevoel kan verlagen. Dus zeg liever 'Sorry collega, ik merk vandaag dat ik na al dat gedoe met mijn kinderen wat snel geïrriteerd ben, dus als je dat merkt, zeg het gerust' dan niets te zeggen en te wachten tot je collega zegt 'Je reageert erg geïrriteerd zeg!'

  3. Zoek zelfvalidatiemomenten! Waarschijnlijk was je vanochtend niet uit bed gestapt met het idee 'zo, ik ga vandaag eens even zelfvalidatiemomenten zoeken' 😉 Maar na dit artikel kun je het vast wel plaatsen: het is voor jouw 'ik' belangrijk om zich te kunnen spiegelen in anderen. Dat kan al door even een belletje of een klein drempelbezoekje te doen, maar het kan zelfs door het sturen van een kaartje. Die laatste lijkt gek, maar toch werkt het vaak wel zo: door simpelweg een 'goede daad' te doen krijgt je 'ikje' een positief bericht: ik ben (nog) in staat om goede dingen te doen. Als de ontvanger dagen later je laat weten blij te zijn met je kaartje is er extra bevestiging: je doet er toe!

Tot slot

In deze artikelenserie over je zelf-beeld raak ik allerlei onderwerpen aan, maar écht uitgebreid kan het in een kort artikel niet worden beschreven. Natuurlijk hoop ik dat het je aan het denken zet en dat je je in sommige situatie herkent. Die reactie kreeg ik al op eerdere artikelen. Er zijn diverse mensen die dachten dat Jort en Bernard over hun eigen leven ging. Zelfs iemand die ik nog niet eens kende bij het schrijven van het artikel vermoedde dat...

Als het lezen van een artikel je juist onrustig maakt of gedachten geeft die maar blijven ronddraaien, probeer er met anderen in gesprek over te gaan, of als dat niet lukt: stuur een privé bericht. Elke 'ik' staat er zonder 'jij' alleen voor. Maar juist in de onbeperkte hoeveelheid relaties die we kunnen aangaan ontstaat de samen-leving waardoor al die ikjes kunnen groeien en bloeien. Ook in coronatijd!


Denk je dat anderen hier ook iets aan kunnen hebben? Deel het dan alsjeblieft... Steeds meer lezers doen dat. Dankjewel!!! 
Delen kan heel simpel met de icoontjes hieronder naar Facebook, Twitter, LinkedIN of als link die je bijv. kunt e-mailen.

Wil je updates per e-mail ontvangen als er een nieuwe blog is? Schrijf je dan hieronder in. Let op: de e-mails komen bij sommige mensen in hun map voor ongewenste-mail. Als je de afzender als 'vertrouwd' accepteert gebeurt dat niet weer. 

Alvast hartelijk bedankt!
463 weergaven0 opmerkingen

Gerelateerde posts

Alles weergeven